The Settlers 7: Path to a Kingdom

thumbnail

The Settlers is een naam die je bij het doelloos rondsurfen op internet nog wel eens tegenkomt. Ik vond het altijd jammer dat met die titel altijd drie door mij gevreesde letters gepaard gaan, namelijk ‘RTS’. Dit is dan ook de reden dat ik de serie nooit heb uitgeprobeerd. Tot mijn grote verbazing zijn we inmiddels al weer toe aan de zevende editie van The Settlers met de subtitel PTaK. Dit is niet het scheldwoord uit het Klingon met dezelfde uitspraak, maar staat voor Path To a Kingdom. Het was dus aan mij om het strategische gedeelte van de hersenen weer eens te activeren. Een groot probleem wat voor mij bij RTS altijd opduikt is dat ik altijd rustig de tijd neem om een fatsoenlijk stadje op te bouwen en vervolgens helemaal niet meer nadenk over de mogelijkheid van een vijandelijke aanval.

Word architect van je eigen koninkrijk

Wat dat betreft is PTaK dan ook de ideale game voor mij. Oorlogvoering is namelijk grotendeels aan de kant geschoven en heeft plaats gemaakt voor economische aspecten. Het draait allemaal om het opbouwen van een koninkrijk waarin je op de efficiëntie van al je huizen moet letten. Voordat je een gebouw plaatst, moet je eerst nadenken of je wel genoeg ruimte hebt om uitbouwsels eraan vast te zetten. Daarnaast is het zaak dat er een pakhuis in de buurt wordt neergezet waarin alle goederen opgeslagen kunnen worden. Aan een boerderij kun je bijvoorbeeld een graanschuur en een molen bevestigen. Het graan wordt in de molen gemalen tot meel, wat weer nodig is bij een bakker om brood van te maken. Dit brood moet weer geleverd worden aan je inwoners. Je zult er dus voor moeten zorgen dat deze gebouwen bij elkaar in de buurt worden gezet en dat ze worden verbonden door een fatsoenlijke weg. Lukt je dat niet, dan worden de burgers ontevreden en gaan ze staken, waardoor je hele economie stil komt te liggen.

Dit heeft ook zijn uitwerking op je militaire kracht, want als je niet genoeg grondstoffen aanvoert voor wapens, zal ook je leger met lege handen komen te staan. In PTaK kun heb je niet de controle over de individuele mannetjes. Plaats je een huisje, kolenmijn, dan krijg je daar automatisch een mijnwerker bij en het dichtstbijzijnde pakhuis levert een timmerman. Je leger kun je daarentegen wel zelf verplaatsen, maar je regelt alles via een generaal. Hij leidt al je troepen over de kaart, wanneer je hem aangeeft naar een ander gebied te vertrekken. Als hij onderweg vijanden tegenkomt, dan zal hij je leger meteen aan laten vallen. Er zijn meerdere generaals aan te nemen met belachelijke namen, zoals ‘Hugo het Heethoofd’ en ze hebben allemaal hun eigen specialiteit. Sommigen zijn bijvoorbeeld beter in het vechten met zwaarden, terwijl andere bevelhebbers het liever met geweren uitknokken. Door de ware RTS fans zal het echter niet op prijs worden gesteld, want je kunt heel weinig invloed uitoefenen op de gevechten. Zolang je maar meer eenheden meeneemt dan de tegenstander bezit, dan win je het gevecht.

Passief oorlogvoeren

Heel veel gebruik maak je er dan ook niet van tijdens het spelen. Zo nu en dan komt het eens voor dat een mijn leeg komt te staan en je dus je rijk moet uitbreiden om andere gebieden leeg te kunnen plunderen. Om ook niet agressieve spelers een kans te geven een potje Settlers te winnen, heeft ontwikkelaar Blue Byte ervoor gekozen om de winst niet af te laten hangen van de grootste legermacht of de meeste resources. In plaats daarvan win je door alle tegenstanders te vernietigen, maar ook door een bepaald aantal overwinningspunten binnen te sprokkelen. Deze verdien je door aan bepaalde voorwaarden te voldoen, zoals het eerste verbeteren van je kerk tot een bisschopszetel. Een aantal hiervan behoud je, ook al doet een andere speler hetzelfde kunstje beter. Er zijn echter ook zogenaamde dynamische overwinningspunten. Hierbij moet je vaak het meeste aantal van bepaalde grondstoffen, zoals munten hebben. Krijgt je tegenstander plotseling meer ervan, dan zal het overwinningspunt aan hem overgedragen worden. Op die manier krijg je dus veel meer concurrentie op andere vlakken dan gevechten. PTaK is dan ook toegankelijk voor een veel breder publiek dan een titel als Red Alert.

Helder te besturen

Tevens is de interface waarmee je moet werken ideaal. Als je op een gebouw klikt, dan zullen alle opties die bij dat type horen worden getoond. Je weet dus meteen waar je moet zoeken en dat is nogal fijn in een drukke beschaving. Verwacht desondanks niet dat het een eitje wordt om je stad draaiende te houden. In PTaK wordt heel slecht aangegeven op welke locatie er iets misgaat. Het kan voorkomen dat er door slechte infrastructuur één bakkertje dwars begint te liggen. In plaats van dat er dan op de kaart een waarschuwing verschijnt, zul je zelf helemaal uit moeten zoeken waar de oorzaak zit. Dit kan nog wel eens wat tijd opslokken, waardoor je een lange periode niet op volle toeren functioneert en zomaar een partijtje verliest. Er zijn dus ook nog wel punten tot verbetering te noemen.

Zo ziet het spel er niet al te mooi uit als je helemaal inzoomt. Bladeren aan de bomen zijn net uitgevlekte groene papiertjes en rondlopende mannetjes zijn een beetje blokkerig. Ga je daarentegen de kaart van boven bekijken, dan krijg je een prachtig landschap te zien. Het is dan ook zonde dat er zoveel verschil tussen zit. Daarnaast zal niet iedereen blij zijn met de cartooneske grafische stijl die PTaK handhaaft. De achtergrondmuziek is hier dan wel bijpassend vrolijk bij gekozen, maar je vergeet heel snel de aanwezigheid ervan, doordat het niet van topkwaliteit is. Wel zijn de stemmen in de campagne erg vermakelijk ingesproken. De personages zijn veelal van die stereotypen en de Engelstalige voice-acting is daar fantastisch op ingespeeld.

Uiteindelijk kun je dus zeggen dat The Settlers 7: Path To a Kingdom vooral een leuke bouwgame is geworden. Vechten doe je bijna niet en wordt ook niet echt boeiend weergegeven, maar als vervanging krijg je een heel diepgaand economisch systeem terug. Deze bevat tevens een erg duidelijke interface, waardoor de game een stuk soepeler speelt. Het heeft echter als gevolg dat er voor de grote RTS fans veel minder valt te zoeken. De humor siert het spel en dit wordt versterkt door de grafische stijl. Het is dan wel weer jammer dat de kwaliteit nogal verschilt tussen de aanzichten waarin je speelt. Het grootste voordeel is in ieder geval dat het een erg toegankelijke game is geworden, waardoor ook mensen die niet heel veel van vechten houden zich er tijden mee kunnen vermaken.


Auteur: Robin Kooistra | Genre: RTS | Release: 31-03-2010 | Uitgever: Ubisoft | Ontwikkelaar: Blue Byte
Graphics: 7.2 | Geluid: 7.8 | Gameplay: 8.3 | Besturing: 9.0 | Replay: 8.5
8.0
+ Magistraal economiemanagement
+ Toegankelijk met de overwinningspunten
+ Humor in de campagne
- Niet helemaal voor RTS fans
- Grafisch beetje wisselvallig
- Eén fout kan je de winst kosten

guest
0 Reacties
Inline feedback
Bekijk alle reacties

Naar boven