Werkt op je zenuwen
Sommige plekken haat je met heel je ziel. Je wil er liever niet zijn, zoals bij je schoonmoeder bijvoorbeeld (grapje). I Hate This Place brengt je naar zo’n plek waar je nachtmerries tot leven komen. I Hate This Place is een isometrische survival-horrorgame welke zich afspeelt in een vervloekt land vol bovennatuurlijke nachtmerries en angstaanjagende wezens die ‘s nachts tevoorschijn komen. Als je wilt overleven, moet je materialen zoeken, verzamelen, schieten, bouwen, sneaken en vechten. Anders overleef je het niet.
Daar waar de game in eerste instantie met de stripachtige spraak- en geluidballonnetjes nog best vrolijk lijkt te ogen, daar is de setting grimmig. Het spel werkt je dan ook al direct vanaf het begin op de zenuwen. Met de dag- en nachtcyclus die constant loopt, ga je naar de ondergrondse laboratoria, waar allerlei mislukte experimenten zich afspelen, die haar uitwerking hebben op de ‘normale’ wereld. Het spel kent een top-down view, waarbij je dus schuin boven je karakter kijkt en jezelf voortbeweegt. Je hebt een health-bar, stamina en en FD-bar, waarvan ik eerlijk gezegd niet eens echt goed de betekenis ken, maar uiteindelijk was het FooD (eten). Afijn, health is je vriend, en de rest boeit op zich niet zoveel en kan aangevuld worden met het verorberen van zakken chips en dergelijke. Je hebt namelijk een inventory, waarin je een hoeveelheid slots hebt waar je objecten in kunt slingeren. Naast lopen kun je bukken en sneaken, maar je kunt ook inventory gebruiken natuurlijk en wapens gebruiken. In eerste instantie moet je het doen met een knuppel, maar al snel kun je een pistool en shotgun aan je inventaris toevoegen. Deze wapens kun je craften bij benches, net als dat je kogels en andere gebruikswaren kunt maken. Nadat je de eerste ‘dungeon’ uit komt, kom je in een open wereld terecht, welke overigens niet heel spannend en groot is. Daar kun je ook nog allerlei kleine gebouwen maken, waaronder een waterpomp. Daar ontstaan ook direct save-point computers, daar waar het eerste save-moment pas zeer laat voorbij komt.

Je went er maar niet aan
Wat in eerste instantie opvalt is dat de controls in deze game ontzettend omslachtig werken. Dat is ook direct een groot kritiekpunt van de game wat mij betreft. Ik kon er maar niet aan wennen! Met de rechter analoge stick de crosshair activeren, om vervolgens te schieten met de trigger, het werkt gewoon niet. Ook het gooien van molotov cocktails bijvoorbeeld, het werkt ontzettend log en traag. Daar waar het spel misschien geen snelle actiegame is, daar maakt het de toch al zenuwslopende momenten van sneaken en aanvallen nog intenser en soms zelfs frustrerend. Ook het switchen tussen gear met de D-pad werkt gewoon onnodig gecompliceerd, waardoor je eigenlijk constant wel moet denken hoe en wat je nu moet werken. Vijanden zijn er groot en klein, maar ogen verder weinig imponerend, net als de algehele spelwereld in de game. De grasachtige gebieden, de bossen, de graanvelden, het oogt allemaal weinig bijzonder. Bij het starten van de game valt dan ook direct op dat het spel grafisch ook een beetje tegenvalt. Conversaties via de spraakballonnen en geluiden die om je karakter heen weergegeven worden, zien er wel grappig uit, maar je hebt echt nul emotie en relatie met de NPC’s die je tegenkomt. De missies zijn daarnaast zo eenvoudig vormgegeven, waarbij je eigenlijk alleen maar van plek A naar B gaat, en daar een interactie uitvoert. Wel leuk is de dag-en-nachtcyclus, waarbij je overdag vooral verzamelt en spaart voor de toch al geringe ammo en resources, en ‘s nachts een prooi bent. Het is overigens niet zo dat er overdag niets aan de hand is, want ook dan zijn vijanden zeker wel aanwezig. Je moet soms zelfs wachten tot de zon weer opkomt, gezien de vijanden ‘s nachts op de loer liggen en sterker worden naar mate het donkerder wordt. De game kent quests die weliswaar vrij lineair uitgevoerd worden begeleid door een map, journal, noten voor wachtwoorden en andere notities en een sketchbook waar illustraties in staan.

Voorzichtigheid geboden
Het stealth-gedeelte in deze game is dan ook van groot belang. Vijanden gaan af op geluid en dat geluid kan je zelfs misbruiken om vijanden te misleiden. Gewoon vol op de aanval gaan is veelal een kansloze zaak en snel fataal. I Hate This Place is geïnspireerd door de gelijknamige, bekroonde stripboekenreeks van Kyle Starks en Artyom Topilin. Grafisch oogt het spel kleurrijk en best wel vrolijk, maar al snel merk je dat de details toch wel vrij ruw zijn afgewerkt en dat de game mechanics in combinatie met de toch wel onscherpe textures ervoor zorgen dat je de indruk hebt dat het gaat om een kwalitatief middelmatige game. Daarnaast kent de game flinke framedrops (standaard PlayStation 5) in de open wereld, maar daar zou aan gewerkt worden volgens de ontwikkelaar. Optimaal geoptimaliseerd is de game in ieder geval nog niet.
I Hate This Place is qua concept op zich best wel een leuk idee gebleken en het is goed dat het spel op je zenuwen werkt, maar dat komt helaas ook door de onnodig complexe en warrige controls en stroperige gameplay. Het spel speelt op zich wel redelijk weg en na een uur of 8 ben je er aardig doorheen, maar echt een gevoel van voldoening beleefde ik helaas niet zozeer. I Hate This Place is dan ook een game voor de doorgeharde spelers die echt op zoek zijn naar een intense top-down stealth en deels actie game, en de gebreken dan maar voor lief nemen.




